Kom je bij me eten? (2)

Naar aanleiding van mijn blog over stress als er mensen bij me komen eten, kreeg ik een appje. Iemand die een paar keer per jaar bij me komt eten, miste namelijk bij de oplossingen de optie Airfryer. Ze had helemaal gelijk en direct voelde ik een ode aan mijn Airfryer opkomen.

No stress
Wat wil het geval? Ik krijg niet van iederéén die komt eten stress. Er zijn ook mensen die ik al zo’n beetje mijn hele leven ken en waarvan ik weet waar ik ze blij mee maak. Met pizza, patat en ijs, voornamelijk. Ideaal vind ik dat.

Als deze mensen komen eten, gaat de Airfryer aan. De stekker gaat in het stopcontact op het moment dat de bel gaat en na een minuutje of twintig kunnen we (lekker op de bank) eten. Ik vraag na de eerste ronde of er nog meer patat gebakken moet worden of niet. Er komen wat snacks en op een gegeven moment zijn de magen gevuld. Tenminste, bijna dan.

Dit van pizza en patat houdende stel gaat bij mij niet weg voor er ook ijs is gegeten. Ik ben gek op ijs. Ik heb het niet altijd in huis, maar als zij komen eten wel. We nemen dus een toetje. Of twee. Want ja, ijs is echt heel erg lekker. Vervolgens is er dan gedurende de avond ook nog genoeg lekkers. Ik zorg er graag voor dat mensen niet nog langs de grote gele M. moeten als ze bij mij zijn geweest.

De luie huisvrouw
Na dat appje over de optie Airfryer kwam er dus een ode aan die Airfryer boven. Ik kocht de mijne drie jaar geleden en ik heb hem vanaf het begin intensief gebruikt.

In eerste instantie was de aanschaf een idee dat voortkwam uit luiheid. Ik had een hartgrondige hekel aan het schoonmaken van de frituurpan en toen dat op een dag écht weer moest gebeuren, heb ik de pan met vet en al weggegooid (ja, milieu, ik weet het…) en ben ik een Airfryer gaan halen. In eerste instantie gebruikte ik hem alleen voor patat, maar al heel snel ging ik hem voor meer gebruiken.

Snel recept voor de Airfryer
Ik ontdekte dat je met dit apparaat heel snel en heel makkelijk een gezond en lekker maaltje op tafel kunt zetten. Na een lange werkdag vond ik dat heel fijn.

Ik vond een recept dat binnen twintig minuten na thuiskomst op mijn bord kon liggen. Bij thuiskomst gelijk de Airfryer aan op 180 graden en vervolgens aardappels schillen en in blokjes snijden. Als dat gedaan is, is de Airfryer warm en kunnen de aardappelblokjes er dus in. Timer op tien minuten instellen. Ondertussen een courgette en twee tomaten schoonmaken en in blokjes snijden. Kruiden met paprikapoeder (Italiaanse kruiden kan ook, maar ik ben er niet zo’n fan van) en na tien minuten toevoegen aan de aardappelblokjes. Airfryer nog even vijf minuten aan en piep-piep…Heerlijke maaltijd! En oja, ondertussen in een andere pan nog even een vleesje braden. Kan allemaal precies.

Aardappels zijn vies?
’s Zomers eet ik graag sla met gebakken aardappels. De aardappels maak ik tegenwoordig ook in de Airfryer. Ik ben stiekem helemaal geen fan van gekookte aardappels en at daarom veel pasta en rijst. Buikpijn was daar vaak het gevolg van. Mijn huisarts adviseerde me aardappels te gaan eten en ik deed het, met een hoop tegenzin. Tót ik aan mijn Airfryer dacht. Sindsdien gebruik ik hem bijna dagelijks. Aardappels uit de Airfryer vind ik namelijk heerlijk. Het voelt alsof ik lekker aan de friet zit.

Conclusie: ik heb geen spijt van mijn aankoop. Ik koester hem, bijna dagelijks. En dat er mensen zijn die daar ook zo van kunnen genieten, maakt dat die rustig bij me mogen komen eten. Zonder stress.

Oja, en voor het geval iemand argwaan kreeg bij het lezen: Geen gesponsord artikel ofzo, puur enthousiasme.

Kom je bij me eten?

Koken vind ik best leuk om te doen, maar koken voor anderen vind ik heel erg ingewikkeld. Dat heb ik ook altijd al gevonden. Ik heb dan stress over of alles wel goed zal gaan en dat vond ik heel stom van mezelf. Toen kreeg ik mijn diagnose autisme. Omdat ik heel erg weinig wist van autisme bij vrouwen, ging ik hier en daar eens wat lezen. Ergens op het wereldwijde web las ik toen dat koken voor autisten heel moeilijk is. En ineens begonnen de kwartjes te vallen. Ik stopte met mezelf veroordelen, maar begon de oplossingen die ik al had bedacht uit te bouwen en te accepteren.

Wat ik dan zo moeilijk vind? Er gebeuren op het moment dat er mensen bij me komen eten veel te veel dingen tegelijk. Een kleine greep uit de vragen die door mijn hoofd spoken:
– Wat ga ik eten?
– Heb ik genoeg ingekocht?
– Hoe laat moet ik beginnen met koken? Het moeilijkste hierbij is dat niet alles even lang op het vuur hoeft te staan, dus daar komt stress om de hoek kijken.
– Wat als ik niet op tijd klaar ben met koken?
– Ik moet de tafel nog dekken.
– Is wat ik heb gemaakt wel lekker?
– Is er voor iedereen genoeg? Ik vind hoeveelheden inschatten heel moeilijk.
– Wat als er iets aanbrandt?
En zo zijn er nog veel meer dingen, maar dit zijn wel de voornaamste vragen.

De makkelijkste oplossing lijkt misschien om dan maar niet meer voor anderen te koken. Die oplossing wil(de) ik niet. Ik wilde een manier vinden om dit te kunnen. Dit is wat mij helpt:
– Ik kook iets wat ik al eerder heb gemaakt, zodat ik weet hoe het zit met de bereidingstijd en de smaak.
– Ik kook (veel) meer dan nodig is. Liever te veel dan te weinig en de restjes gaan in de vriezer.
– Ik maak een ovenschotel. Dat doe ik de dag van tevoren of op de ochtend dat er mensen komen eten. Die hoeft dan ’s avonds dus alleen nog in de oven geschoven te worden.
– Terwijl de schotel in de oven staat, dek ik de tafel.
– Doordat ik vooraf kook, kan ik eventuele fouten nog herstellen.

Zo heel moeilijk zijn bovenstaande punten niet. Het neemt niet alle onzekerheid weg, maar het is een hulpmiddel. Ik kan dan nog steeds onzeker zijn over of het eten op tijd klaar is (want ja, die oven gaat soms niet zo hard als ik zou denken) en ik kan me nog steeds zorgen maken over of het wel lekker is. Toch is het anders. Ik hoef niet met rode wangen van het koken en de bijbehorende stress mensen welkom te heten. Alles staat namelijk al volledig klaar. Dat ik altijd te veel maak, vond ik lang stom. Nu vind ik het prima. Ik vind het prettig als ik de vriezer vol heb liggen met gezond eten, dus ik zie het nu maar gewoon als een handig voordeel.

Eén keer per maand komen er sowieso mensen bij me eten, omdat we met een clubje van vier rouleren. Elke week eten we een keer samen. En eerlijk is eerlijk, dat blijft elke maand als het mijn beurt is weer spannend. Dat vond ik dus ook stom, maar inmiddels kan ik dat accepteren. Maar ermee stoppen? Nee, dat doe ik niet. Daar is het namelijk veel te gezellig voor. En met mijn huidige oplossingen komt het misschien op een dag nog eens helemaal goed!