Boekenpraat bij Moederdag: Mijn (voor)lezende moeder

Morgen is het Moederdag. Een mooi moment om een ode te brengen aan mijn (voor)lezende moeder.

Tijdens mijn kinderjaren hadden we nog geen TV thuis en van computers en mobiele telefoons hadden we als kleine kinderen zelfs nog nooit gehoord. Ons vermaak haalden we dus uit speelgoed, boeken, buiten zijn en meer van dat soort dingen. Binnen was er Lego of had ik m’n poppen, maar het kon nog heerlijker dan dat.

Vooral op winterdagen waren we soms met alle broers en zussen al vroeg allemaal binnen. Buiten was het donker en koud, binnen lekker warm. Het mooiste was als mijn moeder dan een boek pakte. Ze las dan voor over avonturen van anderen. Zorgvuldig knipte ze de vervolgverhalen uit de krant en plakte die op papier. Zo ontstond langzaam maar zeker het hele boek en dat las ze ons voor. Ook favoriet waren de verhalen van W.G. van de Hulst. Klompjes die op het water dreven, oude mannetjes voor hun schuren, kindertjes die verdwaalden en altijd kwam alles weer goed. Mooier dan dat ging het niet worden.

Mijn positie in het gezin lag ergens in het midden. Ik luisterde dus eerst met de oudere kinderen mee en daarna nog heel lang met de jongere kinderen. Heerlijk, duim in m’n mond, lekker allemaal om mijn moeder heen. Ze gebruikte geen gekke stemmetjes, maar las rustig en duidelijk voor. Puur genieten.

Sowieso was het elke avond bij het naar bed gaan feest. Dan werd er altijd even een verhaaltje voorgelezen. Soms hadden we na een kerstfeest op school allemaal een nieuw boek. Wie slim plande, kon dan bij een paar brusjes ook nog wat verhalen meepikken. Soms zat er een foutje in een boek. Tijdens het voorlezen werkte mijn moeder dat vakkundig weg, om de verhalen toch te laten kloppen.

In de zeldzame uurtjes dat mijn moeder stil kon zitten, las ze zelf ook graag. Op vrijdagavond nam ze me altijd mee naar de bibliotheek. Daar werd mijn liefde voor boeken alleen maar groter en groter. Toen ik eenmaal zelf kon lezen, deed ik dat. Vaak en veel.

Mijn jongere broertjes en zusjes werden niet alleen voorgelezen door hun moeder, maar ook door mij. Ik vond het heerlijk om op zaterdagmorgen rustig de dag te starten met voorlezen. En ze hadden mazzel, want ik las het liefst een heel boek in één keer voor. En ook vaak hetzelfde boek. Ik kende het bijna uit mijn hoofd.

Nog steeds kennen we de verhalen. Als we allemaal bij elkaar zijn, komt er nog wel eens iets voorbij dat we kennen uit de verhalen die onze moeder ons voorlas. Hier liggen jeugdherinneringen. Fijne herinneringen.

En stiekem, op Tweede Kerstdag, luisterden we ook als jongvolwassenen nog graag naar de verhalen van Van de Hulst. Gewoon, omdat het zo lekker nostalgisch was als onze moeder voorlas.

Daar komt dus mijn liefde voor boeken vandaan. Bij mijn (voor)lezende moeder, die het me met de paplepel ingoot. Toch is die liefde voor boeken niet erfelijk, want mijn boekenliefde wordt niet gedeeld door de brussen. En toch vind ik: Lang leve mijn (voor)lezende moeder! Ze heeft me een fijne hobby voorgedaan.